Boodschap

De dienaar

Er zijn twee erg interessante Griekse woorden:

Kyrios – betekent mijnheer, meester, eigenaar
Doulos – betekent slaaf

De apostel Paulus en de andere apostelen presenteren zich in hun brieven als dienaren van Jezus Christus, maar de oorspronkelijke betekenis van het woord dat ze gebruiken is doulos, oftewel, in al hun brieven presenteren ze zichzelf als “slaven van Jezus Christus”.

Dit geeft een veel duidelijker beeld aan degene die vandaag de dag God dienen. Dit omdat onze positie als slaaf van Jezus, ons laat begrijpen dat we geen recht hebben op iets anders dan onze grote Meester en Eigenaar te dienen.

Toen Jezus zei dat we geen twee heren kunnen dienen, in de oorspronkelijke vertaling zou dit zijn: “we kunnen geen slaven van twee heren zijn.” Dit kwam omdat de slaaf slechts kon toebehoren aan één enkele eigenaar, die hem markeerde met zijn initialen, zodat het duidelijk zou zijn wie zijn meester was.

In de tijd van de slavernij waren de slaven eigendom van hun heer, dus hij kon met hen doen wat hij wilde. Hij kon ze in het veld, in de ploeg, in het schoonmaken van de kralen of het huis plaatsen. Ze konden in het huis van de eigenaar werken of op een missie gestuurd worden ter vertegenwoordiging van zijn meester. Dit wil zeggen dat de slaaf zou zijn waar zijn meester hem wilde hebben. En dat was geen probleem voor de slaaf, want hij was zich bewust van zijn positie.

De slaaf had nergens recht op, had geen salaris en zelfs zijn vrouw was niet de zijne, want als een slavin behoorde ze ook aan de meester toe. De kinderen van de slaven waren al als slaven geboren en waren ook van hun meester. De slaaf ontving alleen voedsel en een slaapplaats.

De vreugde en het plezier van de slaaf was om zijn meester gelukkig en tevreden te zien met de dienst die hij had geleverd. Voor de slaaf waren er geen prijzen of beloningen voor de verleende dienst, want het was zijn plicht.

Jezus zei:

“Zo moet ook u, wanneer u gedaan hebt al wat u opgedragen is, zeggen: Wij zijn onnutte dienaren, want wij hebben slechts gedaan wat wij moesten doen.” (Lukas 17:10)

Dit was het begrip, daarom klaagden ze niet over de plaats waar ze naartoe werden gestuurd. Ze dienden simpelweg, of het nu binnen het huis, in de kraal of onder de brandende zon van het veld was.

Ze konden niet ontsnappen, want als ze dat deden, zouden ze vermoord worden. Dit laat ons begrijpen wanneer Jezus zei dat als iemand zijn hand in de ploeg steekt en terugkijkt, hij het Koninkrijk van God niet waardig is, want een slaaf die vluchtte, was een dode en waardeloze slaaf.

Het bewustzijn van de dienaar (slaaf) gaat verder dan wat we vandaag begrijpen. Sinds het einde van de slavernij en het begin van de moderne tijdperk hebben we nu dienaren (slaven) met recht, die alleen willen zijn waar het goed en aangenaam voor hen is. Ze willen alleen de faciliteiten hebben. Velen willen zelfs hun heer bevelen en hen hun wil opleggen. Sommigen trekken lelijke gezichten wanneer ze gecorrigeerd worden en onderwerpen zich niet aan zij die autoriteit over hun hebben. Ze klagen, mompelen, rebelleren en vluchten. Ze zijn een schande voor zowel de Heer als voor de ware dienaren (slaven) die jarenlang een leven van pure dienstbaarheid hebben geleefd.

Voor ons, de dienaren (slaven) van de Here Jezus, is er hoop en troost: onze Heer is rechtvaardig en vriendelijk en op een dag zal Hij komen om diegenen te belonen die goed en trouw geweest zijn in de dienst die zij gedurende hun leven hebben geleverd.

Wees niet verbaasd wanneer deze dag komt, want velen die nu de laatste zijn, vergeten door de mensen, ware vreemdelingen die zich op de meest afgelegen plaatsen van de wereld bevinden, zullen plaatsen van bekendheid bezetten bij hun Heer die hun tranen, vernederingen, onrechtvaardigheden, strijden en woestijnen gezien heeft. En ook hoe ze met al hun liefde en toewijding dienden als goede en trouwe dienaren. Ze hielden zichzelf recht, schoon en met vrees. Ze openden hun mond niet om te klagen of zichzelf te rechtvaardigen, maar ze wachtten gewoon op de Heer om terug te komen en hen te eren.

Daarom, om Jezus als Heer te belijden, moet u Hem tegelijkertijd belijden als onze Eigenaar en Meester (Kyrios) en onszelf als Zijn slaven (Doulos).

De vraag die niet wil zwijgen is: wat voor soort dienaar (slaaf) bent u geweest? Een goede en trouwe of een wegvluchtte dienaar?

Met dank aan: Bisschop Franklin Sanches

Deixe o seu comentário

Ou preencha o formulário abaixo.

O seu endereço de email não será publicado. Campos obrigatórios marcados com *